Een verslag van onze tour naar Canada 2002! Terug naar ons reisverslagen overzicht! Terug naar Menu Twee!

Terug naar de startpagina van de 4 Tuoze Matroze!

 
     
 
  TULIPFESTIVAL REISVERSLAGEN
(Pictures: Rebekah Williams)
 
 

Donderdag 9 mei 2002

Het is donderdag 9 mei 2002.
De euforie van ons optreden met het Noord-Hollands Philharmonisch Orkest op het Museumplein zit nog in onze katerige lijven. Als grondstewardessen muzikanten zien, gaan ze zich een stuk informeler gedragen. We checken in bij de KLM voor Amsterdam-Montreal.

 
 

We zijn door de Nederlands-Canadese vereniging unaniem verkozen om op de 50e editie van het Tulipfestival te Ottawa te spelen.
Het Tulip festival is ontstaan n.a.v. het verblijf van Juliana en consorten in Ottawa tijdens de tweede wereldoorlog.
Het interesseert ons allemaal niets.
We moeten twaalf dagen aantreden in de z.g.n Dutch Corner,  oftewel het prinses Margriet café.
We hebben gelukkig een brief van de Nederlandse ambassade bij ons, waarin staat dat we geheel kosteloos op zullen treden. Dat is ook wel nodig, want de Canadese douane doet heel vervelend over werkvergunningen.

 
 

Met termen als “relax” en “respect” proberen we de gemoederen wat te temperen. Na veel gezeik staan we uiteindelijk buiten de terminal te wachten op de KLM bus die ons naar Ottawa zal brengen. Een reis van twee uur door een uiterst saai landschap brengt ons tenslotte in Ottawa.

 
 

Daar worden we opgewacht door Freddy en Albert. Freddy is een professionele fuckhead. Alles is fuck en klote maar vooral de Libanese bevolking van Ottawa moet het ontgelden. Freddy en Albert zijn onze chauffeurs. We hebben honger. “Wat willen jullie eten?”, vragen ze in de natuurlijke volgorde. Hamburgers, KFC of steak?
We kiezen voor het laatste en stoppen bij “Montey’s". Een restaurantketen gedecoreerd in Country and Western style. De zaak hangt vol met kleuren tv’s die non-stop ijshockey uitzenden. We drinken uit twee liter vazen bier en proberen de slechte kwaliteit van het eten op die manier weg te spoelen.

 
 

Na het eten worden we naar het Carlton University terrein gereden.”Welcome to jail”, zegt een Canadese bouwvakker als we inchecken. Het is inderdaad niet echt een riante slaapplaats maar een bed is een bed en niemand klaagt. Het is twaalf uur ´s nachts, locale tijd. Dat betekent dus voor ons dat het zes uur ´s morgens is. We drinken uit onze taxfree flessen en storten in elkaar. Morgen is ons eerste optreden!

 
 
  Vrijdag 10 mei 2002

Het is Vrijdag 10 mei 2002.
Vandaag is dus de eerste dag dat wij ons presenteren aan het Canadese publiek. Het Tulipfestival vindt plaats in het Capital Hill Park. Een prachtige locatie gelegen tussen statige parlement gebouwen en kerken. The mainstage is een giga podium en er is plaats voor 10.000 mensen. Maar onze eerste gig is in het Prinses Margriet Café.

 
 

"Oh my god", denken we als we binnen komen. Een haringkar, een snackbar, een molen. Lulligheid troef. Maar even later schalt er keihard Nederlandstalige rock uit de speakers. Van dikhout, The Louw, de Dijk en natuurlijk de 4Tuoze matroze. De aanwezige Nederlanders zijn ook niet van het Kaliber "hopeloos truttig".
Terwijl wij staan te soundchecken staat prinses Margriet op de mainstage het festival te openen. Prinses Margriet is een ereburger van Ottawa. Zij is hier geboren.
Ik heb trouwens een compilatie zeedee laten maken hier in Canada. Zo ontwijk je een hoop belastingen en gezeik van de douane. Ik heb een speciaal hoesje ontworpen en hier in het kopieerapparaat gegooid.

 
  ´s Avonds gaan we loos. The place is packed. Het merendeel zijn Canadese jongeren want het prinses Margriet café heeft een bijzonder goede reputatie wat de live-muziek betreft.  
 

We zijn eigenlijk een vreemde muzikanten mix. Ik zelf (Cees Koldijk) en mijn broer Marten komen uit de punk scène van de jaren tachtig. Met onze anarchistische kraak-rellen- muziek hebben we destijds menige zaal op zijn kop gezet. Accordeonist Ron Verhoeff speelde in de Australisch / Nederlandse band "Booff" en komt helemaal uit de Cajun scene. Bassist Titus vander Bragt (hij is een echte kapitein) is de oorspronkelijke oprichter van Trio Bier. Lous ter Burg was bassist in de Raggende Manne en speelt bij ons drums en tenslotte ons oudste lid, Friedrich Hlawatsch op viool, die voor de kenners nog bij de Slumberland band heeft gespeeld. (Weet u nog...de voorloper van Doe Maar...) Kortom het punkrock gehalte is dominant aanwezig, maar door de akoestische bezetting valt het niet zo op. We smash the place. Zoals we eigenlijk al jaren gewend zijn.

 
 

De boel gaat volledig op zijn kop. De Canadezen kijken vol ontzag naar onze performance. Ze zijn niet gewend dat een band zoveel verschillende muziekstijlen door elkaar speelt. De sleutel tot deze formule ligt natuurlijk in het feit, dat je met de akoestische instrumenten de muziek een bepaalde kleur geeft. Dan valt de diversiteit van de verschillende stijlen niet meer op. In Canada, maar natuurlijk ook in Nederland spelen de bandjes rock of blues of weet ik veel wat....... Zo en nu een biertje ...

 
     
  Zaterdag 11 mei 2002

Vandaag is het mooi weer. Het enige wat mij dwars zit zijn de regeltjes waar we ons aan moeten houden. Zo is hier bijvoorbeeld sinds 6 maanden een antirookcampagne aan de gang die zijn weerga niet kent. Er mag nergens meer gerookt worden in publieke plaatsen.Stel je voor dat je in de winter in een kroeg zit. Dan moet je dus even naar buiten (30 graden onder nul) om je nicotine shot te krijgen.Deze wet geldt in elk geval voor Ontario. Het leuke is dat als we de rivier over gaan (100 meter verder op) we in de provincie Quebec zijn, waar je dus wel mag roken. Nog zo'n raar wetje: Op de markt mogen de goederen niet in kilo's verkocht worden. Dat mag alleen in de supermarkten. Dus je koopt drie bananen of wat tomaten in een doosje.
Afijn, het publiek is weer onder indruk van onze energieke act. De zeedees vliegen over de tafel.

 
 

Na ons middag optreden gaan we lekker in de zon zitten bieren. Het Grolsch bier hakt er als een gek in. Mede door de vermoeidheid en slaap tekort komt er op een gegeven moment alleen nog maar "bagger" uit onze monden. Wel worden we uitgenodigd om volgend jaar juli in Halifax te komen spelen. Het betreft een feest van de beroemde " Pier 21".
Dat is de pier waar bijna 150.000 Nederlanders zijn aangekomen toen ze naar Canada emigreerden.
Met grote moeite en op ons tandvlees slepen we ons door de Avond gig.
We kunnen alleen nog maar aan slapen denken. De Biologische klok, het bier en het drastische slaap tekort heeft ons behoorlijk uitgeput.
Morgen drie gigs ..... welterusten!

 
     
 

Zondag 12 mei 2002

Vandaag staan we met o.a. Zakaria Richard op het main stage. Het beloofd een echte Cajun/accordeon avond te worden.

 
 

Er zij alleen een aantal omstandigheden die ons niet gunstig gezind zijn: Het weer is echt klote. Zware windstoten en denderende regenbuien. De regen slaat in tot aan het drumstel.

Maar het allerergste is dat vandaag de Ottawa Wanderers het op nemen in de play-offs tegen Ontario Maple Leafs. Een ijshockey thriller waar we niet tegen op kunnen. We hadden echt gehoopt op een crowd van 5000 man, maar helaas staan er zo'n honderd die-hards als we beginnen. De set verloopt vlekkeloos en we worden de volgende dag beloond met een mooie recensie in The Ottawa Citizen.

 
     
 

Maandag 13 mei 2002

Vandaag is onze eerste vrije dag. Mijn hoofd zegt dat we de Bush in moeten maar mijn lijf protesteert. We zijn behoorlijk opgebrand en iedereen blijft gewoon in zijn nest liggen. Het geeft me wel de tijd om de Canadese eetgewoontes eens te bestuderen. Vreselijk, de jeugd gaat hier helemaal ten onder aan trash food. Worsten bij het ontbijt die vetter zijn dan een kilo boter, donuts, zoeter dan zoet en weggespoeld met cola. Patat met majo... ze vreten alles op... Driekwart van de jongeren is gewoon dik. Ik vraag me af hoe oud ze hier worden. Het is echt ontluisterend.

 
     
  Dinsdag 14 mei 2002
 
 
 
 
  We zijn nog steeds niet bijgekomen van ons feestgedruis de eerste dagen en besluiten wederom in ons nest te blijven. We eten ´s avonds bij Pauline. Zij is er verantwoordelijk voor dat we hier zijn. We krijgen de warmte die we zo nodig hadden. Lekker eten. We besluiten de avond bij Pauline met een geweldige zang/piano sessie. Het hele repertoire van Ja zuster nee Zuster wordt gezongen. We voelen ons helemaal allround. Thats rock and roll!  
     
 

Woensdag 15 mei 2002

Eindelijk zijn we een beetje uitgerust. We rijden Ottawa uit en zitten
gelijk in de Bush. Het is nog steeds erg koud,maar vandaag schijnt de zon
een keer. Al gauw rijden we langs prachtige meren met kristal helder water. We komen niemand meer tegen. En ja hoor ,er ligt hier sneeuw.
We maken absurde foto sessies en skiën met onze schoenen van de berg af. De sfeer onderling is erg leuk. Echte ruzies zijn er niet.

 
 

Uiteindelijk belanden we toch weer bij een bar en gaat de tap weer los. In het café hangen drie grote televisies en voor de verandering is er deze keer geen ijshockey maar de finale van de Europa cup 1. Het geluid staat alleen uit. Op ons verzoek mag het aan en even later klinkt het gekreun en ge oehhh uit onze kelen. De Cana-desen kijken ons vol onbegrip aan.
's avonds weer uitgerust spelen op het Tulipfestival.
De band is rete strak en we zien dat we langzaam aan een vaste fangroep krijgen. Op merkelijk is een man genaamd Roy. Hij is 75 jaar en komt elke avond dansen.Wat een levenslust...

 
     
 

Donderdag 16 mei 2002

Ik word elke dag om 7 uur wakker. Een afschuwelijk slaap tekort dus.
Met allerlei trucjes probeer ik mijn stem te behouden.
Gelukkig hebben we in principe drie frontmannen die het vocale gedeelte van mij kunnen overnemen.
Onze presentatie wordt met de dag gekker en absurder.
De creatieve uitspattingen maken een optreden iedere dag totaal anders.
Zo zingt Friedrich zijn "Sex in the open air" uit volle borst maar een  hoogtepunt is het Duitse " Zeeman". De Canadezen kunnen er geen genoeg van krijgen.

 
 

Vandaag zijn we weer de busch in gegaan.We zien watervallen met  vernietigende krachten, bevers, eekhoorntjes (lokale duiven) en helaas nog geen beren.....
Onze set opbouw is nu duidelijk; We doen de eerste twee setjes rustig aan. De laatste set gaan we loos. Het publiek begint hier al een beetje op
Nederland te lijken. Voor het eerst blijven ze hangen en zijn na sluitingstijd moeilijk de tent uit te krijgen......

 
     
  Vrijdag 17 mei 2002

Ondanks ons drankgebruik en slaap tekort blijven we beuken. We zijn natuurlijk wel wat gewend.
Volgens mij beschikken wij over het Nederlands record....24 keer spelen in 4 dagen tijdens sail 2000.

 
 

De politieke ontwikkelingen in Nederland zijn ons natuurlijk niet ontgaan.
Er heeft hier iedere dag wel iets in de krant gestaan. We hebben nog even overwogen politiek asiel aan te vragen n.a.v.  de uitslag. Maar deze grap zou waarschijnlijk niet goed vallen bij onze gastheren; de Nederlandse Ambassade.
s' Avonds is het stampvol in het prinses Margriet Café. Er wordt waanzinnig gezopen en gedanst.Als we denken klaar te zijn horen we alleen nog maar oergeluiden en krankzinnig gegil..
Het podium wordt bijna bestormd. We moeten wel door spelen. Uiteindelijk moet de security er aan te pas komen om de tent leeg te vegen.
Vanavond ging het dak er helemaal af. "The crazy Dutch band" is back. Onze fan-schare wordt wilder en groter.
Missie geslaagd.................. !

 
     
 

Zaterdag 18 mei 2002

Het is zaterdag morgen. Iedere ochtend word ik om zeven uur wakker. Ik strompel naar de eetzaal. Bij de ingang lever ik mijn pasje in, die mij vrije doorgang geeft naar het ontbijt. Ik drink gelijk twee glazen jus d'orange, maak thee met citroen en honing (goed voor de stem).

 
 

 
     
 

Er is een congres voor doofstommen. De helft van de zaal communiceert door middel van gebarentaal. Schoolkinderen stoppen gepaneerde hotdogs in hun kelen en spoelen na met paarse limonade. Ik schep wat yoghurt met vruchten op, maak een broodje met smeerkaas, eet het op en strompel weer naar mijn bed. Ik rook een sigaret. We hebben de rookmelders de eerste dag al uit het plafond gesloopt. Vervolgens slaap ik tot elf uur. Een ritueel wat ik sinds mijn aankomst herhaal. Er volgt nog een zwaar weekend met 5 optredens.

 
 

Ik hoop dat mijn stem het houdt. ´s Middags aanschouwen wij een Nederlands kinderkoor en dan is het tijd om een optreden van de legendarische Stomping Tom bij te wonen op de mainstage. Stomping Tom is de Canadese Henk Williams. Volgens onze accordeonist is hij de gehele belichaming van Canada. Als we ons onder de mensen van het festival begeven merken we pas hoe populair we hier zijn geworden. Iedereen wil handtekeningen en bier met ons drinken.

 
 

 
 

Onze middag optredens verlopen wat rustiger (gelukkig maar) maar ´s avonds scheurt de tent weer uit zijn voegen. Er zijn al Canadezen die de refreinen beginnen mee te zingen Zondag 19 mei Hoe we het uithouden weten we niet,maar elke avond eindigt in een gigantisch feest waarbij Nogal wat gedronken wordt. Het is de een na laatste dag.

 
 

De Cowboy Junkies spelen vanmiddag op de mainstage maar ik haak snel af. T'is mij een beetje te soft. Officieel spelen we vanmiddag niet, maar de stemming zit er helemaal in dus spelen we gewoon wel. ´sAvonds is er groot vuurwerk boven de rivier. Ik moet toegeven dat het personeel van de Nederlandse ambassade steeds sterk vertegenwoordigd is tijdens onze optredens.Wat heet vertegenwoordigd…ze staan als gekken met de meute mee te dansen. Zelfs de ambassadeur Staat mee te wiebelen met een biertje in de hand. We worden overladen met complimenten. Het blijft natuurlijk raar dat we in ons eigen taaltje staan te zingen voor een overwegend engels/frans-talig publiek. We stralen echter zoveel plezier en dynamiek uit dat zelfs de Natives (Indianen) stomdronken mee staan te hossen. We hebben wel wat liedjes vertaald. Zoals " Wie aan Amsterdam komt". Amsterdam, city of water, Amsterdam City of booze.. Amsterdam is a feeling, a feeling I never loose. Maar vooral het lied "Klap van de Giek" 'Hit by the Boom" is een ware culthit geworden. Het wordt eentonig, maar vanaf de eerste tonen is het publiek niet meer rustig te houden.

 
     
 

Maandag 21 mei 2002

Onze laatste dag in Canada. We bezoeken allerlei grote supermarkten om prularia te kopen. Wat erg populair is zijn de flesjes Maple Leaf siroop en natuurlijk de Canadese Baseball petjes. Mij overspoeld een verdrietig gevoel enerzijds en opluchting anderzijds. We hebben hier echt te gekke mensen ontmoet,warme emoties en blijvende vriendschappen. Maar de drang om naar huis te gaan en mijn vrouw en mijn drie prachtige dochters te zien neemt gestaag de overhand. Vanavond is ons laatste optreden. The place is packed. Alle vrijwilligers van het festival zijn er ook.Het wordt wild, heel wild. Ik sla mezelf een blauw oog met mijn gitaar. We mogen niet meer stoppen.

 
 

 
 

Ik moet het echt afdwingen. " Let us party with ya" schreeuw ik en stort me op de bar. Gelukkig is er een dj aanwezig. De Tequilla vliegt door de lucht en we beginnen heel heftig te dansen. Een waanzinnige dikke Canadese vrouw wil haar T-shirt met me ruilen. "Trek maar uit zeg ik". En dat doet ze tot grote hilariteit van iedereen. Weer worden we overladen met complimenten als " The best band of the festival" en "Bunch of crazy Vikings"

 
 
 
 

Als een op hol geslaagde dronken meute tollen we om vijf uur in onze Pontiac Espace die wij tijdens ons hele verblijf van de organisatie tot onze beschikking hadden. Onze violist die gaat rijden zegt nog " Ik heb niet zoveel gedronken als jullie, maar ik zou niet graag aangehouden willen worden" We belanden volkomen verdwaald in de subburbs van Ottawa en het duurt zeker anderhalf uur voor we de Carleton University hebben gevonden.

 
 
 
     
 

Dinsdag 22 mei 2002

Het zit er op. We gaan naar huis. Ik heb een gigantische kater. We hebben misschien maar drie uur geslapen maar wie zal het zeggen. Misschien hebben we door het tunnel complex van de universiteit lopen zwalken. Ik kijk in de spiegel. Ik zie er niet uit. Een enorm blauw oog markeert mijn zompige hoofd. Alleen die grijns is niet van mijn gezicht weg te krijgen. We rijden naar het festival terrein om alle spullen op te halen die we de vorige avond vergeten zijn.

 
 

 
 

We droppen de Pontiac bij Herz en worden door James (hoofd transport) naar het busstation van Ottawa gebracht. We stappen de KLM bus in die ons met een rit van twee uur naar Montreal zal brengen. Tijdens de reis moet ik bijna over mijn nek maar ik kan het zaakje nog net met grote moeite binnen houden. Op het vliegveld hebben we weer de bekende confrontaties met de lokale autoriteiten. Bassist Titus hoor ik tegen een van de veiligheidsvrouwen zeggen" If you don't let me through, I'm gonna give you Hell". Het schijnt te helpen. Even later zitten we allemaal keurig in een rij van het KLM toestel. Bestemming: Amsterdam, city of water, Amsterdam city of booze.. Amsterdam is a feeling, a feeling I never loose…............

 
 
 

  Beheer: Hykopop Nederland  2002 - 2003